2025
-------------------------------------------------------------------------
Southern Bluesnight
Parkstad Limburg Theater, Heerlen (NL) - 22 maart 2025
Recensie van Franky Bruneel
Back To The Roots
De Southern Bluesnight is het grootste indoor-bluesfestival in het
zuiden van Nederland en blijft een vaste waarde op de voorjaarskalender
van ongeveer 2.000 bluesfans. Ook op de onze want het zuiden van
Nederland ligt volgens de regels van de logica niet zo heel ver van het
noorden van België vandaan dus qua afstand is het haalbaar. Bovendien
heeft het budgetvriendelijke festival – vanuit
artistiek-organisatorisch oogpunt wel te verstaan – steeds een
gevarieerd en interessant programma, zo ook weer deze 27ste editie. Het
feest speelt zich af op drie podia in het mooie Parkstad Limburg
Theater. Tot dusver was het quasi onmogelijk om alle bands te vangen,
maar met één band minder in de staande Limburgzaal kreeg het programma
dit keer wat meer ademruimte. Het leek ons zelfs mogelijk om alle acts
te fotograferen én een deel van het optreden mee te maken. We vertellen
je er meteen bij dat ons dat ook is gelukt. In dit verslagje nemen we
jou chronologisch mee op pad.
Om 18.45 u. trapt de Maastrichtse zeskoppige band Barfly af in de foyer
van het theater, voor de gelegenheid tot 'Juke Joint' omgedoopt.
Het is een traditie dat de winnaars van het BRUL-contest (Blues en
Roots Uit Limburg) dit festival openen.
Met Frédérique Jansen als gezicht én stem, brengt Barfly zwoele,
zweverige maar sfeervolle blues.
Waar veel vocalisten in de blues gespeeld gemeen grommen, gebruikt
Frédérique haar zeemzoete stem zoals die is.
De Southern Bluesnight openen is geen dankbare taak, want als je niet
aanslaat, sputtert het publiek massaal naar de Limburgzaal waar enkele
ogenblikken later een bekende act begint. In dit geval zelfs Matt
Schofield en dat is geen klein bier.
Barfly slaagt er echter in om voor de rest van hun set voldoende
toehoorders aan zich te binden.
De Limburgzaal is voor dit festival omgedoopt tot de 'Groovetime
Stage'. Die naam verwijst naar het radioprogramma van John Hendrix,
waardoor de oorspronkelijke programmator onlosmakelijk met het festival
blijft verbonden.
We hadden de Britse supergitarist Matt Schofield verwacht met de
jongens van King Of The World maar hij treedt aan en op met zijn trio.
Na een jazzy instrumentaal nummer neemt Matt ons mee naar New Orleans.
Het lukt hem aardig om een sfeertje neer te zetten waar gitaarfreaks
van smullen.
Matt staat synoniem voor het woord 'gitaristenblues' en dat bedoelen we
absoluut niet negatief. We gaan ervan uit dat fans van Robben Ford deze
muziek ook erg lekker vinden en wat ons betreft is Schofield een Robben
Ford mét een ziel.
De Southern Bluesnight is een uur aan de gang en wij togen naar de
zittende Rabozaal voor het optreden van de uit Noord-Ierland afkomstige
maar in Frankrijk residerende Kaz Hawkins. De dame mag het dan wel goed
doen op allerlei 'challenges' en gelauwerd zijn met een vrachtwagen
awards, toch zijn wij niet altijd onder de indruk geweest van haar
show. Vandaag wél. Dit is met stip het meest bezielde en bezielende
optreden dat we tot nu toe van la Hawkins meemaakten. "It's not blues,
it's not jazz, it's just Kaz", herhaalt ze meermaals en het is
inderdaad die eigen identiteit die ze vandaag krachtig neerzet. Ze is
heel ondeugend in het sexy 'Don't Make Mama Cry' en heel gevoelig in
een soulvol nummer over hoe belangrijk het is om een thuis te hebben.
'Hold On To Hope' heet het, en Kaz draagt het op aan de vele mensen uit
Oekraïne die hun thuis zijn ontvlucht. We horen gospel in de pure New
Orleans-traditie en in het stevige bluesnummer 'Drink With The Devil'
geeft Kaz alle ruimte aan gitarist Stef Paglia (van de BluesBones) om
voluit te soleren. Met een vakkundig uitgekiende mix van stijlen en
emoties houdt Kaz Hawkins ons vandaag wél bij de les. We stellen onze
mening over deze artieste dus met plezier bij.
Op weg naar de Groovetime Stage houden we halt in de foyer want daar is
de 19-jarige Nienke Dingemans aan haar set bezig. Nienke staat bekend
voor haar krachtige stem en haar toch wel aparte benadering van de
blues. Ze heeft de klasbak Richard Van Bergen bij als gitarist en
ondanks hun leeftijdsverschil van ruim veertig jaar valt hier geen
generatiekloof te bespeuren. Nienke straalt net zoveel maturiteit en
liefde voor de muziek uit. Ze verrast ons trouwens met haar
lapsteelspel. Zou ze inspiratie hebben gevonden bij Meghan Lovell van
Larkin Poe? We horen een zeer originele uitvoering van Big Mama
Thorntons 'Hound Dog' maar daarna willen we ook nog wat van de Dawn
Brothers in de Limburgzaal zien. In elk geval... Nienke, goed bezig
meid!
Die Dawn Brothers kennen we van haar noch pluim. Het blijken
Nederlandse jongens te zijn. Presentator Barn – van Barn &
Belle – kondigt hen aan als een band die ergens het midden houdt tussen
The Band en Little Feat. Tja, dat zal wel zeker? We begrijpen hieruit
dat ze een muziekstijl zullen brengen die hooguit nog wat vage
bluesinvloeden heeft en waarover wij geen al te grote wijsheden kunnen
verkondigen. Eens ze enkele nummers ver zijn, stellen we vast dat zelfs
die vage bluesinvloeden niet echt aan de oppervlakte komen. Wel horen
wij een verre verwantschap met het geluid van The Beatles, maar dat
komt enkel omdat de muziek van de Dawn Brothers een hoog Ob-La-Di,
Ob-La-Da-gehalte heeft. We beginnen nog net niet met onze handjes te
draaien. Wat horen we nog? Wel, bijwijlen een mooie meerstemmige zang
waarmee ze ons ietwat aan The Cinelli Brothers doen denken. Ja, dat is
het! Zo gaan we ze onthouden, als The Cinelli Brothers-light.
Het is halftien en we nemen in de Rabozaal ons zitje in voor de
solo-act Luke Winslow-King. Luke is een jonge veertiger die anno 2024
in Spanje woont, wiens familie in hoofdzaak uit Chicago afkomstig is
maar zich in Michigan vestigde. Luke ging klassieke muziek studeren in
New Orleans maar dat was slechts een vrijgeleide om 's avonds in de
kroegen de blues en jazz sponsgewijs op te zuigen. Hij kreeg ooit een
kortverblijf in een penitentiaire instelling aangeboden vanwege het
bezit van een kleine hoeveelheid marihuana. De sloeber. Hij ziet er
echter uit als de ideale schoonzoon: heel netjes, zachtmoedig en
erudiet. Hij is vooral een verhalenverteller. Meesterlijk laat hij ons
meewandelen op de kronkelige wegen van wat er zich zoal in zijn hoofd
afspeelt. Hij begeleidt zichzelf op akoestische gitaar en ondanks het
feit dat hij zich heel wat blueslicks en -frazeringen meester heeft
gemaakt, is zijn gitaarspel niet zijn grootste troef. Het is adequaat
en functioneel maar hij valt vaak terug op dezelfde patronen. Uiteraard
hoort het gros van het publiek in de goed gevulde Rabozaal met ongeveer
800 zitjes dit niet. King kaapt moeiteloos hun aandacht weg.
Alhoewel... Bij het verlaten van de zaal, omdat we Emily Hill niet
willen missen, horen we een andere voortvluchtige zeggen: "Dit is toch
wel heel erg saai." Neen, dat vinden wij nu niet. Dat is er lichtjes
over.
In de Juke Joint wachten we geduldig op Emily Hill, het alter-ego van
het 24-jarige pannenkoekenmeisje Emmelien Hilbers. En dat bedoelen we
positief hoor. We willen hiermee alleen maar zeggen dat we heel veel
respect hebben voor de manier waarop deze gewezen jonge
horecamedewerkster van Den Potsenmaeker zich tegenwoordig inleeft in de
muziek, met de classic-blues-vertolksters op kop, en erin slaagt om er
een geloofwaardige en ongelooflijk frisse vertolking van neer te
zetten. We piepen door de gordijntjes en zien het bevallige Emmelientje
en haar vijfkoppige band, allemaal ouwe rotten in het vak, elkaar een
groepsknuffel geven. Zalig toch, die vriendschap in een hechte band.
Even later staan ze op het podium. Emmelien wordt Emily. Ze zingt
ondanks haar frèle stem voortreffelijk, ze beweegt sierlijk en dartel,
de muzikanten spelen volledig in functie van het totaalplaatje, het
zing- en speelplezier straalt er in bakken van af en iedereen vermaakt
zich kostelijk. Graag tippen we hierbij deze band bij onze Belgische
organisatoren!
Het is halfelf en bij de Groovetime Stage zijn we klaar voor het
optreden van Kat Riggins. Deze kleine explosieve opdonder uit Florida
is in de Lage Landen zeker geen onbekende. Hier heeft ze met Blues
Revival zelfs haar eigen Nederlandse begeleidingsband. Het wordt ietwat
vreemd zonder de recent overleden saxofonist Jan de Ligt, maar op het
podium prijkt zijn foto naast een flesje Hertog Jan. Wat een mooi
gebaar. Kat levert als vanouds een denderende show boordevol blues,
soul en funk. In haar band treffen we gitarist Little Boogie Boy (zie
BTTR 130), bassist Brian Kruit, drummer Andreas Tsikotis en Roel
Spanjers op toetsen. Dat is dus allemaal geen kattenpis maar wel de top
van de Nederlandse bluesscene. In een vlammende vaart levert Kat heel
wat werk – hoofdzakelijk uptempo – uit haar recente album 'Revival'.
Wat een vaatje vol buskruit is ze nog steeds. Het autofocussysteem van
onze camera – ook al is dat er eentje van een zeer recente generatie –
heeft het knap lastig. Eén gevoelig traag nummer brengt ze. Een nummer
dat ze ooit schreef om een jong nichtje een hart onder de riem te
steken. "Dit wordt wellicht het enige nummer waarbij ik stil ga blijven
staan", zegt ze. Okay, dan is dit het fotografische moment waarop we
hebben gewacht... Dankjewel Kat, voor deze wervelende show!
Geloof het of niet, maar op dit uur zijn we blij dat we ons in de
Rabozaal nog een poos in zo'n knus pluchen zeteltje mogen nestelen. En
dan nog voor een act waarnaar we reikhalzend uitkijken: de 86-jarige
Lil' Jimmy Reed. Zijn loopbaan beslaat inmiddels ruim zes decennia en
we lieten ons ooit vertellen dat hij aan zijn artiestennaam kwam toen
hij als jonge artiest het werk van Jimmy Reed coverde en dat zo
ongelooflijk goed deed dat hij ooit Reed moest vervangen toen die te
dronken was om op te treden. Het was een pak van ons hart om te
vernemen dat Leon Atkins – zo heet hij echt – hier zal worden begeleid
door de Robbert Fossen Band. We zagen hem al met de al even
hoogbejaarde Britse pianist Bob Hall en diens echtgenote Hilary Blythe
op bas. Dit is niet het forum om daar veel negatieve dingen over te
zeggen, maar neem gerust van ons aan dat we van Robbert Fossen
(gitaar), Eduard Nijenhuis (drums), Jan Markus (bas) en Ivan
Schilder (toetsen) verwachten dat ze Atkins op een energieke manier
zullen ondersteunen. De presentator kondigt Lil' Jimmy Reed aan als
"één van de laatste overlevenden van de Louisianablues". Bij
Louisianablues denken wij onmiddellijk aan het label Excello Records en
artiesten zoals Slim Harpo, Lightnin' Slim, Silas Hogan, Lonesome
Sundown en Lazy Lester. Lil' Jimmy Reed zit niet in die schuif. Hij
speelt geen Louisianablues. Dat is ook zeer logisch, want Jimmy Reed,
op wie zijn stijl is geënt, kwam uit Dunleith, Mississippi en verhuisde
later naar Gary, Indiana, vlakbij Chicago. Okay, iets over het optreden
dan. Atkins is in goede doen en er is een fantastische wisselwerking
met de band. Voor Chicagoblues ben je bij Robbert Fossen en zijn
kornuiten aan het goede adres en dat beseft Leon maar al te goed. Hij
brengt – uiteraard – werk van Jimmy Reed, zoals 'Bright Lights, Big
City', 'Big Boss Man' en 'Baby What You Want Me To Do'. We horen ook
een heel mooie versie van 'How Blue Can You Get' en klassiekers als 'TV
Mama', 'Hoochie Coochie Man' en 'Down Home Blues'. Ondanks zijn hoge
leeftijd, heeft Atkins nog niet veel van zijn muzikale pluimen
verloren. Zijn zang en zijn harmonica- en gitaarspel zijn rudimentair
maar steken boordevol authenticiteit. Het is niet goed omdat het
virtuoos is, het is schitterend omdat het écht is. En nogmaals, met een
zeer zorgzame Robbert Fossen zit de brave man op rozen. Artiesten als
Lil' Jimmy Reed moeten we koesteren!
Het is middernacht. In de foyer pikken we nog wat glimpen en klanken
mee van Barn & Belle die Five Dollar Shake vervangen. Deze band
heeft zich om 17 u. wegens ziekte van enkele leden afgemeld. In januari
2023 hebben we Barn & Belle ontmoet in de lift van het Double
Tree Hotel in Memphis, toen ze deelnamen aan de International Blues
Challenge en daar de halve finale bereikten. Ze schrokken zich een
rotje omdat iemand hen uitgerekend daar in het Nederlands aansprak.
Barn & Belle brengen als duo een mix van hillbilly, ragtime en
hokum. Doorgaans krijgen ze het etiket 'rootsmuziek' of 'americana'
opgespeld. We weten het, we vallen in herhaling, maar we hebben het
schijt aan deze termen. Het zijn woorden die slimme marketeers hebben
bedacht om verschillende genres Amerikaanse volksmuziek onder te
catalogeren maar als wij deze marketingtermen horen, weten we absoluut
nog niet hoe iets klinkt. Hoe dan ook, Barn & Belle graven in
enkele stijlen die in de marge van de ontstaansgeschiedenis van de
blues belangrijk zijn geweest. Het valt ons op dat ze zijn gegroeid in
wat ze doen. Misschien viel 2023 nog net iéts te vroeg in hun prille
loopbaan om zich aan een avontuur als de IBC te wagen.
Ziezo, de Southern Bluesnight zit er weer eens op en ook al bekijken we
sommige zaken al eens door een kritische bril, de balans helt zoals
steeds weer over naar het standje 'positief'. Onze welgemeende dank aan
de organisatoren voor de gastvrijheid en uiteraard zeer graag tot de
SBN 2026!
Franky Bruneel